RapportBroedvogels van het Witte Veen in 2020/2021

Download
Broedvogels van het Witte Veen in 2020/2021
Omslag Broedvogels van het Witte Veen in 2020/2021

In het Witte Veen (315,7 ha) vindt sinds 1991 broedvogelmonitoring plaats door leden van de Twentse Vogelwerkgroep. Op verzoek van Natuurmonumenten heeft in 2020 en in 2021 weer een volledige gebiedsinventarisatie plaatsgevonden. In het voorliggende rapport worden de resultaten van de broedvogelinventarisatie beschreven, waarbij ook wordt ingegaan op de ontwikkelingen in de samenstelling van de broedvogelbevolking in de laatste dertig jaar.

Het Witte Veen ligt tegen de Duitse grens tussen Haaksbergen en Alst├Ątte (D) in de gemeente Haaksbergen en behoort tot de twaalf hoogveengebieden die in Nederland als Natura 2000-gebied zijn aangewezen. Het grootste deel van het gebied bestaat uit bos, graslanden met natuurbeheer en vochtige heide/hoogveen, waarbij met name aan het hoogveencomplex (14,2 ha) een grote ecologische betekenis wordt toegekend.

Het gebied is verdeeld in zes deelgebieden (BMP-plots) waarvan er drie in 2020 en drie in 2021 met een hoge onderzoeksintensiteit onderzocht zijn.

Er zijn in 2020/2021 in totaal 83 soorten als broedvogel vastgesteld. Tien van deze soorten staan op de Rode Lijst. Aan de aanwezigheid van de hoogveensoorten Wintertaling en Watersnip en de hoogveenbossoort Wielewaal kan regionale betekenis worden toegekend. Ook het voorkomen van zeldzame beekvogels (IJsvogel en Grote Gele Kwikstaart) is regionaal van belang.

Soorten van hoogveen en herstellend hoogveen zijn gemiddeld en geleidelijk toegenomen, met name in de recente jaren. Deze ontwikkeling wordt als gunstig beoordeeld. Tegelijkertijd kan de toename van Blauwborst en Sprinkhaanzanger ook wijzen op beginnende verlanding of verruiging omdat ze in dat successiestadium hun optimum bereiken. Broedvogels van oud loofbos zijn toegenomen, met name in de laatste jaren. Voor de Middelste Bonte Specht was waarschijnlijk al eerder geschikt bosgebied (oud loofbos met eik) aanwezig maar deze soort heeft het broedareaal de laatste jaren in westelijke richting uitgebreid.

Kijkend naar de ontwikkeling van de 108 soorten broedvogels die in de laatste dertig jaar in het gebied zijn vastgesteld dan slaat de balans (licht) in positieve zin door. Ruim een kwart van de soorten is toegenomen. Onder de afgenomen soorten bevinden zich veel vogelsoorten uit het agrarisch gebied of (sub)urbaan gebied, waar het beheer zich niet speciaal op richt.

In de toelichtingen per soort is in een aantal gevallen een relatie gelegd met ontwikkelingen in de grondwaterstand. Indien we de soorten die gevoelig zijn voor verdroging, en daarmee ook voor hydrologisch herstelbeheer, samennemen dan ontstaat daaruit een beeld van een lichte toename, wat waarschijnlijk als een herstel geïnterpreteerd moet worden.

In bijgaande pdf treft u geen stippenkaarten aan. Voor nadere informatie kunt u contact opnemen met info@sovon.nl

Uitgever
Sovon Vogelonderzoek Nederland (Nijmegen)
Rapportnr
2022/10
Bron
import1402